23 januari, verslag excursie Vogeleiland , Amsterdamse Bos.
Op weg naar het Vogeleiland werden we wakker geschud door een boomklever, met zijn typische geluid ‘plieuw plieuw’.
Deze excursie waren er 10-minuten praatjes van Annemarie, en van Joanne en Aleid.
Annemarie opende met wat geschiedenis.
Het Vogeleiland is ontstaan door een idee van Piet Brander en is 3 ha groot.
Het idee was om er verschillende biotopen aan te leggen, om bepaalde vogels aan te trekken.
Bijv; een schelpenstrandje voor Plevier, visdief, en een oeverwal voor ijsvogel en oeverzwaluw.
Bossages voor kleine zangvogels en een rietlandje voor Baardmannetje, karekiet enz.
Maar door o.a. het opgroeien van het bos eromheen, kwamen die soorten niet.
Daarna besloot men er een heemtuin van te maken met als gebiedjes; duingebied, moerasgebied, heuvellandschap en akker.
Door gebrek aan geld is het na aanleg niet goed meer onderhouden en is er een lekker verwilderd stukje ontstaan.
Er is nog wel genoeg te zien.
Het zien begint bij de bekende soorten, en daarna af en toe een soort tegenkomen en erbij leren.
Annemarie liet ons dmv een ‘bingo’kaart goed kijken en luisteren. Degenen die het meeste van het kaartje gezien en gehoord hadden, wonnen een kunstig en snel gefabriceerde ballon-papagaai. Erg leuk !
Het idee van een ‘bingo’ is op vele manieren toe te passen. Voor zowel planten, vogels, insekten, en andere inrichtings elementen in een gebied.
Ondertussen was er veel te zien;
Heggerank tot hoog in de bomen, heel veel sneeuwklokjes, grote bonte specht, enz.
Aleid had een interessant verhaal over de eigenlijke ontwerpster van het A’damse bos; Jacoba Mulder.
Zij was de eerste stedebouwkundige en heeft naast het A’damse bos nog Nieuw-west, Spaarnwoude en A’veen ontworpen.
Bekendheid kregen stedebouwkundigen pas na WO-2, vandaar dat ze niet zo bekend is. Jammer, want als vrouw die in 1918 begon met dergelijke studie is het onthouden waard.
Joanne vertelde leuke details over voorkomende vogels.
De boomklever metselt spechtgaten dicht met modder, zodat de opening klein genoeg is om het als nestholletje te gebruiken. Het goudhaantje is het kleinste vogeltje in Nederland, 4-6 gram, en houd o.a. van (giftige!) taxus.
Kortom; handige informatie om mee te nemen.
Met Aleid en Joanne liepen we richting Geitenboerderij en onder een stel hoge bomen floot een vogel een aparte roep. We konden er niet achter komen wat het was, maar het leek een lijsterachtige. Helaas vloog hij weg.
Bij het verder lopen door het bos richting Geitenboerderij deed Carla ons nog wat tips aan de hand om m.n. kinderen te laten kijken.
Plak plakband op boomschors, en daarna op een vel papier. De structuur van de bast is zo goed te zien.
Of meet de ouderdom van een boom; de omtrek : 10 x 4, is het aantal jaren oud bij benadering.
Een manier om de hoogte te meten leek niet helemaal te kloppen, maar er zijn handige dingen voor te krijgen (bij natuurmonumenten bijv) om dat te doen, helaas had ik hem niet bij me.
Richting Geitenboerderij waren er nog (platte!) vleermuiskasten te zien hoog tegen een paar beuken.
Het was voor een aantal cursisten, te koud om stil te staan, te slenteren en verder te verkleumen. Dus mijn verhaal stopt bij het vluchten naar de geitenboerderij voor warme koffie !
Maar; als het weer warmer wordt is hier dus genoeg te zien en te doen.
Margo
Posts tonen met het label Vogeleiland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Vogeleiland. Alle posts tonen
zondag 24 januari 2010
zaterdag 23 januari 2010
zaterdag 23 januari 2010
Verslag 23 januari 2010 op het vogeleiland in het Amsterdamse bos.
Met ze tweeëntwintigen gingen we onderweg naar het vogeleiland, we hoorde (zagen) al snel een boomklever.
Op het vogeleiland aangekomen begon Annemarie met een 10 minuten praatje. Ze vertelde in het kort iets over de geschiedenis van het vogeleiland. In eerste instantie was het zo ingericht om vogels en reptielen te trekken. De vogels die ze in gedachte hadden kwamen alleen niet. Daarna werd het een heemtuin en nu is het een rustige plek waar veel vogels hun snavel laten zien. Ook eekhoorns komen heel dicht bij je als je maar stilzit.
Annemarie wilde een vogelbingo doen. We kregen allemaal een briefje met 8 vogels of iets vergelijkbaars. Zoals een vliegtuig, veertje, staartmees, nestkastje, merel, goudhaantje, ekster en boomklever. Die 8 punten moest je zoeken of horen en wie er de meeste gehoord of gezien had, had natuurlijk gewonnen.
Ik vond het erg leuk om te doen en iedereen was zo stil
Aleid en Johanna hadden hun 20 minuten rondleiding. Die hadden ze voorbereid vanaf de geitenboerderij naar het vogeleiland. Alleen tijdens hun voorbereiding was het een compleet andere wereld er lag namelijk sneeuw. Dat was nu geheel verdwenen. Aleid vertelde nog het een en ander over Jacoba Mulder.
Tijdens de wandeling naar de geitenboerderij hebben we nog een paar opdrachten gekregen van Carla. Met een plakbandje op de boom en dan op een vel wit papier plakken, dan heb je de vingerafdruk van de boom. Ook met een papiertje en een krijtje krijg je leuke afdrukken.
Bij de geitenboerderij konden we weer een beetje opwarmen, want we hadden het wel een beetje koud gekregen van het vele zitten. Verder was het een gezellige en toch nog droge dag.
Femke Hoonhout
Met ze tweeëntwintigen gingen we onderweg naar het vogeleiland, we hoorde (zagen) al snel een boomklever.
Op het vogeleiland aangekomen begon Annemarie met een 10 minuten praatje. Ze vertelde in het kort iets over de geschiedenis van het vogeleiland. In eerste instantie was het zo ingericht om vogels en reptielen te trekken. De vogels die ze in gedachte hadden kwamen alleen niet. Daarna werd het een heemtuin en nu is het een rustige plek waar veel vogels hun snavel laten zien. Ook eekhoorns komen heel dicht bij je als je maar stilzit.
Annemarie wilde een vogelbingo doen. We kregen allemaal een briefje met 8 vogels of iets vergelijkbaars. Zoals een vliegtuig, veertje, staartmees, nestkastje, merel, goudhaantje, ekster en boomklever. Die 8 punten moest je zoeken of horen en wie er de meeste gehoord of gezien had, had natuurlijk gewonnen.
Ik vond het erg leuk om te doen en iedereen was zo stil
Aleid en Johanna hadden hun 20 minuten rondleiding. Die hadden ze voorbereid vanaf de geitenboerderij naar het vogeleiland. Alleen tijdens hun voorbereiding was het een compleet andere wereld er lag namelijk sneeuw. Dat was nu geheel verdwenen. Aleid vertelde nog het een en ander over Jacoba Mulder.
Tijdens de wandeling naar de geitenboerderij hebben we nog een paar opdrachten gekregen van Carla. Met een plakbandje op de boom en dan op een vel wit papier plakken, dan heb je de vingerafdruk van de boom. Ook met een papiertje en een krijtje krijg je leuke afdrukken.
Bij de geitenboerderij konden we weer een beetje opwarmen, want we hadden het wel een beetje koud gekregen van het vele zitten. Verder was het een gezellige en toch nog droge dag.
Femke Hoonhout
donderdag 3 december 2009
zaterdag 21 november
Vogeleiland 21 november 2009 10.00 – 13.00 uur
Woensdag was er regen en narigheid voorspeld en met de regenachtige ochtend in park Lagerhuis in gedachte gingen we vol goede moed op weg. Gelukkig was het goed weer, zelfs eindigend in stralend.
In 2 groepen hebben we langs 10 meter touw geïnventariseerd welke planten we wisten te herkenen aan de vegetatieve kenmerken. Wij begonnen langs daar waar het zompig was. Allereerst ging onze belangstelling uit naar de rode vruchten van de Gelderse roos. Deze giftige vruchten worden niet gewaardeerd door onze vogels. In de winter, komen er vaak pestvogels die van Gelderse roos naar Gelderse roos trekken.
Langs de lijn:
Zomprus
Moerasspirea
Weegbree
Kale Jonker
Akkerdistel
Rolklaver
(Oever)zegge
Bies
Watermunt
Hertshooi
Engelwortel
Kruipende boterbloem
Wilgenroosje
Kleine valeriaan
Pinksterbloem
Boogsterrenmos
Gerimpeld boogsterrenmos
Rimpelmos
Kleine Water Eppe
Wilde Bosrank
Er vliegt een sperwer over, te herkennen aan het fladderen afgewisseld met zweven. Een sperwer bid niet en heeft een lange staart.
Turkse Hazelaar
Langs de tweede lijn:
Bieslook
Wollige Munt
Mierikswortel
Raapzaad
Inheemse bereklauw
Ridderzuring
Smeerwortel
Kweek
Blauwe knoop (niet helemaal langs de lijn)
Hondsdraf
Klein streepzaad
Ereprijs
Kleefkruid
Vogelmuur
Biggekruid
Zevenblad
Paardenbloem
Dikkopmos
Libel (vrouwtje van de blauwe glazenmaker, haar lichte delen zijn doorgaans groen en haar ogen hebben geen blauw, zie foto onderaan)
Goudhaantje
Sijsjes
Roodborstje
Mossen
De mossen zijn ingedeeld in bladmossen, levermossen en hauwmossen.
De bladmossen zijn onderverdeeld in topkapselmossen, slaapmossen en veenmossen.
Mossen onderscheiden zich van andere sporeplanten door hun levenscyclus: uit een spore (rechtsonder) groeit een voorkiem (protonema)(onder) en daaruit een mosplantje (de gametofyt)(centraal), waarop vervolgens een sporekapsel (sporofyt) gaat groeien. Uit het sporekapsel komen de sporen.
Woensdag was er regen en narigheid voorspeld en met de regenachtige ochtend in park Lagerhuis in gedachte gingen we vol goede moed op weg. Gelukkig was het goed weer, zelfs eindigend in stralend.
In 2 groepen hebben we langs 10 meter touw geïnventariseerd welke planten we wisten te herkenen aan de vegetatieve kenmerken. Wij begonnen langs daar waar het zompig was. Allereerst ging onze belangstelling uit naar de rode vruchten van de Gelderse roos. Deze giftige vruchten worden niet gewaardeerd door onze vogels. In de winter, komen er vaak pestvogels die van Gelderse roos naar Gelderse roos trekken.
Langs de lijn:
Zomprus
Moerasspirea
Weegbree
Kale Jonker
Akkerdistel
Rolklaver
(Oever)zegge
Bies
Watermunt
Hertshooi
Engelwortel
Kruipende boterbloem
Wilgenroosje
Kleine valeriaan
Pinksterbloem
Boogsterrenmos
Gerimpeld boogsterrenmos
Rimpelmos
Kleine Water Eppe
Wilde Bosrank
Er vliegt een sperwer over, te herkennen aan het fladderen afgewisseld met zweven. Een sperwer bid niet en heeft een lange staart.
Turkse Hazelaar
Langs de tweede lijn:
Bieslook
Wollige Munt
Mierikswortel
Raapzaad
Inheemse bereklauw
Ridderzuring
Smeerwortel
Kweek
Blauwe knoop (niet helemaal langs de lijn)
Hondsdraf
Klein streepzaad
Ereprijs
Kleefkruid
Vogelmuur
Biggekruid
Zevenblad
Paardenbloem
Dikkopmos
Libel (vrouwtje van de blauwe glazenmaker, haar lichte delen zijn doorgaans groen en haar ogen hebben geen blauw, zie foto onderaan)
Goudhaantje
Sijsjes
Roodborstje
Mossen
De mossen zijn ingedeeld in bladmossen, levermossen en hauwmossen.
De bladmossen zijn onderverdeeld in topkapselmossen, slaapmossen en veenmossen.
Mossen onderscheiden zich van andere sporeplanten door hun levenscyclus: uit een spore (rechtsonder) groeit een voorkiem (protonema)(onder) en daaruit een mosplantje (de gametofyt)(centraal), waarop vervolgens een sporekapsel (sporofyt) gaat groeien. Uit het sporekapsel komen de sporen.
Abonneren op:
Posts (Atom)
